Alleenstaande moeder Shu-Fen en haar twee dochters, tiener I-Ann en de vijfjarige I-Jing, keren na jarenlang op het platteland te hebben gewoond terug naar Taipei.
De uitgebluste revolutionair Bob leeft samen met zijn energieke, zelfredzame dochter Willa ondergedoken op een rustige plek en gaat stoned en paranoïde door het leven.
Een jonge verslaafde die in de straten van Londen leeft, krijgt een kans op verlossing, maar zijn weg naar herstel stolt al snel in een vreemde odyssee waaraan hij misschien nooit zal ontsnappen.