Westelijke Jordaanoever, 1988. Wanneer een Palestijnse tiener bij een protest tegen Israëlische soldaten betrokken raakt, vertelt zijn moeder het familieverhaal dat hen tot dit noodlottige moment heeft geleid.
De familie van Jake en Neytiri worstelt met verdriet na de dood van Neteyam en ontmoet een nieuwe, agressieve Na'vi-stam, de Ash People, die wordt geleid door de vurige Varang, terwijl het conflict op Pandora escaleert en een nieuwe morele focus ontstaat.
Zain slijt zijn dagen in de straten van de Libanese hoofdstad Beiroet; als oudste kind van het gezin is het zijn taak om te helpen het gezin te onderhouden.
De Tatta’s willen lekker thuis vakantie vieren, maar hun plannen vallen in duigen wanneer ze plotseling hun flat moeten verlaten en tijdelijk moeten verhuizen naar de vreemde en beruchte Duitse Wijk.
In al-Eizariya, een stad op de bezette Westelijke Jordaanoever in de buurt van Jeruzalem, heeft de Palestijnse Manar samen met haar man Milad een Waldorfschool opgericht: House of Hope.
Vaarman Boogie bevaart de Marowijne, de grens tussen Suriname en Frans-Guyana, om essentiële vracht te leveren aan afgelegen Marron- en inheemse gemeenschappen.
De dertienjarige Nawi woont in Turkana, een afgelegen streek in het noorden van Kenia, waar kindhuwelijken, ondanks dat ze officieel verboden zijn, nog overal voltrokken worden.
Als ‘de man die weigert dood te gaan’ terugkeert naar de woning waar zijn gezin tijdens de oorlog op brute wijze is vermoord, breekt hij het huis af en laadt het op een vrachtwagen om het op een veilige plek weer op te bouwen ter nagedachtenis aan zijn gezin.